
Wintervogels in de tuin herkennen (gratis printbare kaart)
In de winter is het stil in de moestuin, maar in de struiken eromheen is het juist druk. Mezen, mussen, merels en roodborsten zoeken naar eten, en met een beetje voer komen ze tot vlak bij het raam. Maar welke vogel is dat nou precies? Met deze gratis wintervogelkaart herken je de 12 vogels die je het vaakst in de tuin ziet. Print hem, hang hem bij het raam en kijk samen met de kinderen wie er langskomt.
Gratis wintervogelkaart: download de printbare kaart Wintervogels in de tuin (PDF, 5 pagina’s) met 12 vogels om te herkennen, wat ze graag eten, een voertabel en een turflijst voor de kinderen. Wil je elke maand meer van dit soort tips? Meld je aan voor de nieuwsbrief.

De 12 wintervogels in de tuin
Koolmees
Herken je aan: Zwarte kop met witte wangen, gele buik met een zwarte streep in het midden. Eet graag: zonnepitten, pindaās en vetbollen. Grootte: 14 cm.
Pimpelmees
Herken je aan: Klein, met een blauw petje, witte wangen en een gele buik. Eet graag: vetbollen, pindaās en zaadjes. Grootte: 12 cm.
Roodborst
Herken je aan: Oranjerode borst en gezicht, bruine rug. Komt vaak dichtbij als je in de tuin werkt. Eet graag: kruimels, geweekte rozijnen en meelwormen, liefst op de grond. Grootte: 14 cm.
Merel
Herken je aan: Het mannetje is helemaal zwart met een gele snavel, het vrouwtje donkerbruin. Eet graag: appels, rozijnen en wormen, op de grond. Grootte: 25 cm.
Huismus
Herken je aan: Het mannetje heeft een grijze kruin en een zwart befje, het vrouwtje is lichtbruin. Vaak in groepjes. Eet graag: zaadjes en strooivoer. Grootte: 15 cm.
Vink
Herken je aan: Het mannetje heeft een roze-oranje borst, een blauwgrijze kop en witte strepen op de vleugels. Eet graag: zaadjes, vaak van de grond onder de voederplek. Grootte: 15 cm.

Heggenmus
Herken je aan: Grijze kop en borst, bruin gestreepte rug en een dun snaveltje. Scharrelt onder struiken. Eet graag: kleine zaadjes en kruimels op de grond. Grootte: 14 cm.
Winterkoning
Herken je aan: Heel klein en rond, bruin, met een kort staartje dat recht omhoog staat. Zingt heel hard. Eet graag: insectjes en fijne kruimels onder struiken. Grootte: 10 cm.
Staartmees
Herken je aan: Een rond wit-roze bolletje met een heel lange staart. Komt bijna altijd in groepjes. Eet graag: vetbollen. Grootte: 14 cm.
Grote bonte specht
Herken je aan: Zwart-wit, met rood onder de staart. Het mannetje heeft ook rood achter op de kop. Eet graag: pindaās en vetbollen. Grootte: 23 cm.
Spreeuw
Herken je aan: Glanzend zwart, in de winter met veel witte stipjes. Komt met een hele groep tegelijk. Eet graag: vetbollen, appels en meelwormen. Grootte: 21 cm.
Ekster
Herken je aan: Groot en zwart-wit, met een lange staart die blauwgroen glanst. Eet graag: bijna alles, ook restjes. Grootte: 45 cm.
Wie eet wat?
| Voer | Waar? | Wie komt erop af? |
|---|---|---|
| Vetbollen | Hangend, in een bekertje of houder | Koolmees, pimpelmees, staartmees, spreeuw, specht |
| Pindaās (ongezouten) | In een pindaslinger of voederhuisje | Koolmees, pimpelmees, grote bonte specht |
| Zonnepitten en zaadjes | Voederhuisje of op de grond | Huismus, vink, koolmees, heggenmus |
| Appels en rozijnen | Op de grond, rozijnen eerst weken | Merel, spreeuw, roodborst |
| Meelwormen en kruimels | Op de grond of een schaaltje | Roodborst, winterkoning, heggenmus |
| Water | Een ondiepe schaal | Alle vogels, ook als het vriest |
Zelf voer maken is een leuk klusje: lees hoe je vetbollen en een pindaslinger maakt. En wil je dat de mezen in het voorjaar blijven, hang dan ook een zelfgemaakt vogelhuisje op. Dat is ook handig voor je moestuin: mezen eten in het voorjaar veel rupsen en luizen.
Samen met de kinderen
Op de laatste pagina van de PDF staat een turflijst: Welke vogels zie jij? Kijk een kwartiertje uit het raam, bijvoorbeeld op zaterdagochtend, en zet een streepje bij elke vogel die je ziet. Na een paar weken zie je welke vogel het vaakst komt. Hang de kaart op ooghoogte bij het raam, dan kunnen ook de kleintjes zelf opzoeken welke vogel ze zien.
Lees daarna samen het verhaal Merel Max zoekt ontbijt in de winter.
Veelgestelde vragen
Welke vogels zie je in de winter in de tuin?
De vogels die je het vaakst ziet zijn de koolmees, pimpelmees, roodborst, merel, huismus en vink. Ook de heggenmus, winterkoning, staartmees, grote bonte specht, spreeuw en ekster komen in veel tuinen langs.
Wat is het verschil tussen een koolmees en een pimpelmees?
De koolmees is groter en heeft een zwarte kop met witte wangen en een zwarte streep over de gele buik. De pimpelmees is kleiner en heeft een blauw petje.
Hoe lok je meer vogels naar je tuin in de winter?
Hang vetbollen en ongezouten pindaās op in of vlak bij een struik, strooi wat zaadjes en appel op de grond, en zet een schaaltje water neer. Een rustige plek met struiken vlakbij voelt veilig.
Wat mogen vogels niet eten?
Geen brood, geen gezouten pindaās of chips en geen gekruide restjes. Hang vetbollen ook niet in netjes: vogels kunnen er met hun pootjes in vast komen te zitten.

