Waterverfillustratie: Merel Max zit met opgezette veren in een kale appelboom boven de winterse moestuin en zingt

Merel Max zoekt ontbijt in de winter

Voorleesverhaal

Dit verhaal is bedoeld om voor te lezen aan kinderen van 4 tot 7 jaar, lekker buiten in de moestuin of ’s avonds op de bank. Samen met Merel Max, Worm Wim en Lieveheersbeestje Lotje ontdekken ze hoe een merel in de winter zijn eten vindt. Na het verhaal vind je een paar weetjes en een opdrachtje om samen in de tuin te doen. Tip: laat de kinderen meedoen met het “Tuk, tuk, tuk!” van Merel Max.

Leeftijd4 tot 7 jaarVoorleestijd± 4 minutenSeizoenWinterPrintbare versieDownload PDF

Het was winter in de moestuin. De bedden waren leeg en kaal, alleen de prei en de boerenkool stonden nog fier rechtop. Onder de heg lag een dikke laag bruine bladeren.

Heel vroeg in de ochtend, toen het nog bijna donker was, zat er een vogel boven in de appelboom. Hij was helemaal zwart, met een oranje snavel en een oranje randje rond zijn oog. Het was Merel Max.

Max zette zijn veren op, zodat hij er rond en dik uitzag. “Zo blijf ik warm,” zei hij tegen zichzelf. En toen begon hij te zingen. Een mooi, rustig liedje, dat over de hele moestuin klonk.

Onder de grond hoorde Worm Wim het liedje. “Wroet, wroet,” mompelde hij. “Daar is Max. Dat betekent dat hij zo ontbijt gaat zoeken.” En Wim kroop een stukje dieper de grond in. Voor de zekerheid.

Max vloog naar beneden en landde in het gras. Hop, hop, deed hij. Toen stond hij stil. Hij hield zijn kop een beetje schuin, alsof hij luisterde.

Onder de bladeren van de heg zat Lieveheersbeestje Lotje, lekker warm tussen de andere lieveheersbeestjes. Ze keek door een gaatje naar buiten. “Wat doe jij nou, Max?” vroeg ze. “Waarom hou je je kop zo scheef?”

“Ik kijk,” zei Max. “Mijn ogen zitten aan de zijkant van mijn kop. Als ik mijn kop schuin hou, kan ik heel goed naar de grond kijken. Dan zie ik of er iets beweegt.”

Waterverfillustratie: Merel Max gooit met zijn snavel bladeren opzij onder de heg, Lotje kijkt door een gaatje tussen de bladeren

Hop, hop. Max liep naar de heg. Daar lagen de bladeren. Met zijn snavel gooide hij ze opzij. Tuk, tuk, tuk! Blaadjes vlogen links en rechts.

“HĆ©!” riep Lotje. “Pas op, wij slapen hier!”

“Sorry, Lotje,” zei Max. “Ik zoek kevertjes en wormpjes. Die verstoppen zich graag onder de bladeren.”

Diep onder de grond hield Worm Wim zich heel stil. HƩƩl stil.

Max zocht en zocht. Tuk, tuk, tuk. Hij vond een paar kleine kevertjes, en hap, hap, weg waren ze. Maar het was koud, en er was niet veel te vinden.

“Ik heb nog steeds honger,” zei Max.

Toen ging de deur van het huis open. De tuinder kwam naar buiten, met een schaaltje in zijn hand. Daarin lagen een paar oude appels, die zacht en een beetje rimpelig waren. Hij legde ze onder de appelboom.

“Alsjeblieft,” zei de tuinder. “Voor de vogels.”

Max wachtte tot de tuinder weer binnen was. Toen hupte hij erheen. Tuk, tuk, tuk. Hij pikte in een zachte appel. “Mmm,” zei hij. “Zoet en sappig!”

Waterverfillustratie: Merel Max en een bruin merelvrouwtje pikken van oude appels onder de appelboom in de winterse moestuin

Al snel kwamen er meer merels. Een merelvrouwtje, helemaal bruin, met een donkere snavel. En nog een merel. Ze pikten allemaal van de appels.

“Merels eten in de winter graag fruit,” zei Max met zijn snavel vol. “Appels, en ook de rode besjes van de struiken. Als de grond bevroren is, kan ik moeilijk wormen vinden.”

Onder de grond hoorde Worm Wim het. Hij zuchtte opgelucht. “Wroet, wroet,” fluisterde hij. “Gelukkig. Appels.”

Toen Max zijn buik vol had, vloog hij weer op de appelboom. Hij zette zijn veren op en begon weer te zingen.

Lotje kroop terug onder de bladeren. “Wat een mooi liedje,” zei ze slaperig.

En diep onder de grond, in zijn warme gangetje, viel Worm Wim ook weer in slaap.

Einde.

Kleurplaat bij dit verhaal

Na het voorlezen nog even kleuren? Hier vindt Merel Max een appel onder de appelboom. Lotje kijkt onder een blaadje vandaan en Worm Wim ligt veilig in zijn gangetje.

Kleurplaat van Merel Max met een appel, Lotje en Worm Wim

Meer kleurplaten vind je op onze pagina Kleurplaten.

Weetjes

  • Een mannetjesmerel is zwart met een oranje snavel. Een vrouwtjesmerel is bruin.
  • Merels houden hun kop schuin om de grond goed te bekijken. Zo zien ze of er iets beweegt.
  • In de winter eten merels graag fruit, zoals zachte appels en rode besjes.

Zoek het op in de tuin

  • Ga een merel zoeken in de tuin. Is het een mannetje (zwart) of een vrouwtje (bruin)?
  • Kijk of je een merel ziet die bladeren omgooit. Hoor je het geritsel?
  • Luister ’s ochtends vroeg goed. Hoor je een merel zingen?

Tip voor ouders: Leg in de winter een paar oude appels of peren onder een struik of boom. Merels en lijsters komen er graag op af, en kinderen kunnen ze dan mooi vanuit het raam bekijken.

Reacties zijn gesloten.